Letterproef Tótfalusi Mediaevál

De letters van Nicolaas Kis zijn in voorgaande eeuwen veel gebruikt, maar thans zijn alleen nog de Monotype Erhardt en de Janson regelmatig gebruikte lettertypes. Kis is van grote invloed geweest op de typografische vormgeving in de 17e eeuw in Holland. De letter Totfalusi is hier zo goed als onbekend. Ronald Steur heeft met een zetter en drukker uit Hongarije een zeer geslaagde letterproef gemaakt, met tekst in het Hongaars en Nederlands. Het zijn twee kwarto gevouwen planodrukken met de letter van 6 tot 24 punt zowel romein als cursief gedrukt op het eerste vel en een gedicht op het tweede vel. De maatvoering is gelijk aan De Grote Nederlandse Letterproef en deze letterproef wordt dan ook als addendum gepresenteerd bij dit geweldige project. Helaas zullen een aantal bezitters van deze proef echter geen weet hebben van deze originele toevoeging. De tekst is in zwart gedrukt en de ornamenten in rood-bruin, wat het geheel een klassieke uitstraling geeft. Het geheel is goed gedrukt, maar het is te zien dat een 6 punts letter moeilijker te drukken is dan een 24 punts.

De Locatie

Jaap Schipper is een van de weinige echte Private Press uitgevers van ons land. Dit boekje kent twee uitvoeringen: een in linnen gebonden editie en een luxe editie in halfperkament. De jury vond ze beide even mooi.
De toevoegingen in de luxe-uitgave brachten de jury ertoe om die op te nemen in de selectie. Het boek, met perkamenten rug en steenrode platten, is gestoken in een dun foedraal. Het binnenwerk is gedrukt op handgeschept Magnani. De ‘gewone’ uitgave is zwarter gedrukt en daardoor komen de houtsneden van Peter Lazarov nog meer tot hun recht.

De tijd van de dochter

De jury was unaniem in haar oordeel over deze uitgave. Het boek doet denken aan de SHV uitgaven van Irma Boom, al heeft het een veel minder pretentieuze uitstraling. Op het 120 grams blauwwit stencilpapier komen de aflopende kleuren oranje, groen, blauw en rood goed tot hun recht. Zo ook de vijf leeslinten in de corresponderende kleuren. De uitgave is heel goed ingenaaid en valt ondanks de 688 pagina’s heel mooi open. Ook de in 450 grams grijsbord uitgevoerde band is goed. De horizontaal op de rug geplaatste tekst is een vondst. Waar het boek inhoudelijk precies over gaat, is de jury een raadsel, maar het plezier van het maken spat van deze uitgave. De jury zit wel nog met de vraag wat digitale stencildruk behelst. Studio Braam was te gast bij stencildrukkerij KNUST en dat blijkt een gelukkige combinatie. Jammer dat er maar 60 exemplaren zijn gedrukt: de uitgave is nu reeds een collector’s item.

Ex Oriente Lux. Uit het Oosten het licht

Uit betrouwbare bron heeft de jury vernomen dat Karel Treebus al op 2 januari van het nieuwe jaar begint met de wens voor het volgende jaar. Dat is te zien ook! Geen kleur, lettertype of polymeerplaat wordt geschuwd. De drukker haalt letterlijk alles uit zijn letterkast en het plezier spat van het papier.
Toch is er deze keer hier en daar wat misgegaan. De uit de Times (monotype 237) gezette tekst loopt hier en daar dicht. Bij de grotere korpsen is het beeld niet helemaal vol. Te koud in de drukkerij? De inkt te kort? Hier en daar is de tekst ook overgezet. Volgend jaar misschien een kleurtje minder en weer perfect drukken?

Drie Zonen 1–2–3

Deze uitgave bevat een keuze uit dagboeknotities, kleine overdenkingen en observaties van jaren geleden. Veel gezongen versjes, bewaard gebleven tekeningen en regels uit de liederen die in het collectieve gezinsgeheugen zijn blijven hangen. De aanleiding was het veertigjarig huwelijksjubileum van de drukker en zijn geliefde.
Wat deze uitgave zo bijzonder maakt, is het leven dat er in zit. Het mooie oude naamloze en aangevreten papier geeft het totaal een echte ziel. Vaak zie je dat dit soort gelegenheidsuitgaven net over de top gaat, er gebeurt immers veel in veertig jaar, maar hier is dat niet het geval. Er is bewust gekozen voor een opzet rondom de drie zonen die het huwelijk heeft voortgebracht, Tim, Martij en Bernlef, prachtig aangevuld met illustraties, tekstfragmenten en liedjes. De blauwe cahiersteek die in het omslag is weggewerkt, komt als een verrassing terug in het binnenwerk. De stans op het omslag suggereert dat een houtworm zich tegoed heeft gedaan aan het omslag. Kosten nog moeite zijn gespaard om deze uitgave tot iets unieks te maken. Hulde voor het 40–jarige huwelijk!

Ginkgo Biloba

Dit boekje gedrukt in blauw, groen en geel laat vorm en inhoud goed samen komen.
De grafische verbeelding van Ginkgo bladeren komt goed tot zijn recht. Het gebruikte papier is met 170 gram wat aan de zware kant voor deze uitgave en het drukken had wat scherper gekund.
Mede door het gele omslag is het een opvallende publicatie.

‘Catten kinderen muisen gaern’ en andere spreekwoorden

Zes persen, een collectief van margedrukkers langs de IJssel, werkten samen aan een project rond oude spreekwoorden. Bron van inspiratie waren de Latijns-Nederlandse Proverbia communia die tussen 1493 en 1496 door de Zwolse drukker Peter van Osch voor leerlingen van de Latijnse scholen in de IJsselstreek werden gepubliceerd. Vijf eeuwen later blijken de zegswijzen nog steeds springlevend.
In tis quaet water liet De Eierland Pers van Peter Duijff (Deventer) zich meedrijven op ‘De Grote Golf’ van Hokusai (1760–1849), in een stilistische bewerking door Louise de Blécourt. Zonder Dak van Thijs Weststrate (Oldenzaal) illustreerde quader vis met padden van polymeren en vissen in vinylsneden. Met in ander luden pot varieert De Overkant van Sjaklien Euwals (Zwolle) op de eeuwige illusie: ‘In Zwolle schijnt altijd de zon’. Dertien kattenspreekwoorden uit ben ik kat loodsten de Eikeldoorpers van Doortje de Vries (Apeldoorn) reeds op eigen kracht in Mooi Marginaal 2004–2005 (p. 74–75). Het curieuze van hazen en hoeren door Pers Achter de Muren van Henk Francino (Deventer) herinnert aan eeuwenoude verlangens van schooljongens. Onuitputtelijk zijn tafelspreuken in van eten, drinken en dood verzameld door Pers Aldo van Niels Klinkenberg (Deventer).
Afgezien van het afgesproken formaat was elke pers vrij in letter- en papierkeuze, illustratie en vormgeving. Dat leidde tot een prettige verscheidenheid van ideeën, letters, beelden, kleuren – iets waar de kernachtig en beeldend geformuleerde spreekwoorden zich uitstekend toe leenden. De oplage werd door de gezamenlijke drukkers gebonden onder leiding van boekbinder Henk Francino.

Rehabilitatie

Rehabilitatie van Daniil Charms is een uitgave ter gelegenheid van een expositie van Joseph Kerff in Gallery Godá te Amsterdam. Joseph Kerff maakte deze illustraties in 1986 en ze zijn hier in zeefdruk uitgegeven.
Dit boekje is prachtig verzorgd met een goede tekst- en beeldverhouding. Op deze manier komen het verhaal en de daarbij behorende illustraties goed tot hun recht. Het zachtgele papier vormt een mooi contrast met de gruwelijkheden uit het verhaal. De verhouding in omvang is ook prettig: 16 pagina’s verhaal en illustraties en 8 pagina’s met achtergrondinformatie. Een geslaagde, eenvoudige en complete uitgave.

Nachtdichten

De tien Nachtdichten van Hans van Waarssenburg zijn geïnspireerd op Nocturnes van de Ierse componist John Field. Voor deze uitgave koos Hans van Eijk een donkerblauw omslag waartegen het zachtgele papier mooi afsteekt. De transparantie van het papier en de onregelmatigheid van de schepranden ondersteunen de broosheid van de woorden. Het boekje is een voorbeeld van klassieke typografie ‘with a difference’. De tekst is gedrukt over de voor de nummering gebruikte houten cijfers, die even groot zijn als de acht regels tekst. Door deze in diverse schakeringen lichtblauw (het colofon spreekt van ‘ochtendblauw’) te drukken, valt toch de nadruk op de tekst. De initialen zijn gedrukt in ‘nachtblauw’, dat ook terugkeert in de papieren band. De cijfers verspringen van links naar rechts over de tekst, tot het op is.

De stilte bestaat uit zoveel antwoorden

Dit is de eerste én enige publicatie van uitgeverij De Luchtbuks, een initiatief van Onno Blom, René Franken van de Antwerpse boekhandel Demian en Dick Wessels van margedrukkerij Het Gonst te Antwerpen. Het betreft de briefwisseling tussen Jeroen Brouwers en Gerrit Komrij uit de jaren 1980–1986, bezorgd door Onno Blom.
Deze brieven waren oorspronkelijk bedoeld voor een deel in de Privé Domeinreeks van de Arbeiderspers, maar uiteindelijk bleef de correspondentie steken op negentien brieven en een aantal briefkaarten. De publicatie is met veel aandacht voor detail gemaakt. Het logo op het omslag, opgebouwd uit de initialen B en K van de beide auteurs, verschijnt als preeg op de linnen band. De letters keren ook in het tekstgedeelte terug, ter markering van de afzender van de afgedrukte brief. Op dezelfde wijze wordt in dezelfde groene steunkleur een aantal kopteksten geplaatst. De briefkaarten van Komrij werden als facsimile ingevoegd. Het geheel wordt ontsloten door een prachtig vormgegeven titelpagina. Het drukwerk mag hier en daar net iets scherper, maar verder valt er weinig aan te merken op deze smaakvolle publicatie.