Letterproef

Veel inzenders bij Mooi Marginaal werkten samen in deze bundel van Stichting Grafisch Centrum uit Groningen. Het betreft hun letterproef, de rijkdom uit de kasten van de leden wordt breed uitgemeten.
Dankzij de verschillende vormgevingsopvattingen neemt deze letterproef je mee van de ene verrassing naar de andere.
De Japans gebonden uitgave wordt beschermd in een zorgvuldig beplakte zware doos.

Dante

Alex Barbaix drukte naar ontwerp van Jan Sonntag een uitgave in drie delen waarin teksten van Dante per deel gekoppeld worden aan de beeldend kunstenaars Bacon, Bosch en Beuys. De werken van de kunstenaars zijn grafisch bewerkt.
In traditionele kunstboeken worden kunstwerken gereproduceerd; er wordt een poging gedaan de reproductie zo dicht mogelijk bij het origineel te krijgen. Hoe moeilijk dit is valt waar te nemen als je een afbeelding uit een kunstcatalogus vergelijkt met een tentoongesteld werk. Hoe armoedig blijkt dan de vierkleurendruk te zijn.
In Dante/Bosch, Dante/Bacon en Dante/Beuys is Jan Sonntag zelf de scanner en heeft hij de werken van de kunstenaars gepixeld in zetwerkornamenten. Zodoende heeft hij persoonlijk gekleurde vertalingen van de werken gemaakt, waardoor hij je noopt er met zijn ogen naar te kijken. Het moet monnikenwerk geweest zijn.
De drie gesigneerde bundels zijn alledrie liefdevol in een verschillend gekleurd vilten omslag gewikkeld.

Begonia’s & Exegese, een herinnering aan Ecky Fernhout

In de reeks ‘Tijdverdrijvers’ drukte Peter Bekker deze herinneringen aan de predikant en tekenaar/schilder Ecky Fernhout. In een afwisselende, verzorgde vormgeving wordt in het kort aandacht besteed aan zowel het beeldende werk als aan de preken van Fernhout. De tekst werd gedrukt in zwart en rood en verlucht met een ingeplakte kleurenreproductie van een aquarel van Fernhout en twee linosneden van Peter Bekker, waarvan er één tevens los bijgevoegd is. De titelpagina heeft een opvallende typografie, met het begin van de biografische schets die doorkruist wordt door de titel, de ondertitel en het impressum.

Een open oog

‘Van ordening naar chaos’ is de voornaamste indruk, die men krijgt als men met een vergrootglas naar een vierkleurendruk kijkt’, schrijft Jaap Binsbergen in het colofon van de uitgave Een open oog. Zijn werk is echter alles behalve chaotisch. Op de rechterpagina’s is een uit typografisch materiaal opgebouwd sterk uitvergroot oog afgedrukt. Elk van de vier kleuren apart, en daarna over elkaar heen gedrukt. Heel mooi op het zachte Desiderius 120 grams.
Op de linkerpagina’s staan uitdrukkingen die betrekking hebben op het oog. Binsbergen verwijst in zijn colofon naar het oog dat typograaf Pieter Groot op een streekbus stempelde: van dichtbij een abstract kleurenfeest, van veraf een perfect oog. De jury dacht meteen aan de telefoonkaarten van Jaap van Triest en het omslag van de monografie over Wim Crouwel, waarbij men pas op afstand ziet dat ‘de chaotische kleurenpracht’ een afbeelding is van een jonge Crouwel met vlinderdas.
De Stichting Lettergieten wordt bedankt voor de stippen en het bindwerk was bij Erik Schots in goede handen. Kortom: een lust voor het oog!

Rivalen

Alles aan deze uitgave ademt een klassieke perfectie. De korte prozatekst is mooi getypografeerd, met ruime marges, en is helder en egaal gedrukt uit de Dante. Er is een goede keuze van materialen gemaakt, waarbij het papier, de schutbladen, de in goud gestempelde halfperkamenten band en de simpele kartonnen schuifdoos prachtig bij elkaar passen. Zelfs de rugtitel in kapitalen is voorbeeldig op de zeer smalle rug gezet. Hulde!

Boëthius en de tweede revolutie van het boek

Ter nagedachtenis aan de boekhistoricus Bert van Selm organiseert de Vakgroep neerlandistiek van de Universiteit Leiden bij de opening van het Academisch Jaar een boekhistorische lezing. Gerard Post van der Molen verzorgde de uitgave van de dertiende Bert van Selmlezing. Hij liet zich inspireren door de boekvormgeving uit de zestiende eeuw – de periode die in de lezing wordt behandeld.
Oblong formaat, de tekst in twee kolommen, door drukkerij Mosterd & Van Onderen! netjes in offset gedrukt.
Alle lof voor degenen die zich gezamenlijk inspannen om dit initiatief binnen het beperkte budget overeind te houden.

Het schuitje van Fiep & Annie

De angst voor ontlezing heette in 1954 ‘leesverloedering’. Joke Linders beschrijft smakelijk hoe Annie M.G. Schmidt en Fiep Westendorp in opdracht van de CPNB een boekje ‘ter bevordering van het lezen’ samenstelden.
Pauline van Wensveen van de Vette Venus Pers is het niet te doen om ingewikkeld drukwerk en geraffineerde typografie. Het gaat haar om het plezier van het maken van een leuk boek, liefst voorzien van de nodige ironie. Samen met Hans Rombouts drukte ze het omslag in boekdruk. De katernen zijn met de hand genaaid en ingelijmd.
Een aanrader voor ieder die zich zorgen maakt over de tanende belangstelling voor het lezen. Vroeger was het nog erger!

Of Inck

Dit charmante miniatuur-boekje (eigenlijk een schriftje) is klassiek van vormgeving, maar met behulp van eigentijdse ICT-techniek van de gewenste klassieke letter voorzien: de Garamond is computer-gestuurd gegoten, maar wel weer handgedrukt op een Korrex-pers.
Moxons serieuze waarschuwingen voor brandgevaar bij de vervaardiging van drukinkt (die gekookt en gebrand moest worden) maken opnieuw duidelijk dat de meesterdrukkers van weleer over grote kennis en vaardigheden moeten hebben beschikt. Moxon prijst de Hollandse drukkers van zijn tijd om hun uitstekende drukinkten, waar hun Engelse collega’s niet aan konden tippen.
Het onpretentieuze plezier van het boekenmaken blijkt volop uit deze sympathieke uitgave. Het nietje in de rug werd tijdens de afwerking nog verwijderd om plaats te maken voor een echte cahiersteek!

Jeoffry

‘Jeoffry’, het loflied van Christopher Smart (1722–1771) op zijn kat, is een van de wonderlijkste Engelse gedichten. In een bevlogen stijl geïnspireerd op het Oude Testament, en met de geniale toets van de krankzinnige dichter wordt het unieke en toch exemplarische dier verheerlijkt: ‘For God has blessed him in the variety of his movements’.
De lenige, meeslepende vertaling van Rudy Kousbroek verscheen eerder in NRC Handelsblad van 21 december 2001, maar verdiende een artistiek voortbestaan. Het fraai afgewerkte tweetalige boek is gezet uit de Bembo, een letter die de modern-klassieke status van de tekst ondersteunt. Tegelijk maken de layout van Jaap Schipper en de krachtige linosneden van Olivia Ettema er een hedendaags boek van.
Negentig exemplaren op velata avorio ‘Biblos’ (Magnani, Pescia) werden door Herman van der Kruijk in linnen gebonden. Dertig op velata avorio a mano zijn door Philipp Janssen (Phoenix binderij) in halfperkament gebonden met platten van handgeschept Japans. Zij bevatten ook nog eens twee losse lino’s op Gampi Vellum. Op het voorplat straalt een sierlijk verguld lovertje, op de hoes een verguld drukkersmerk. Kortom: voluit aantrekkelijk, meer zelfs, absoluut onweerstaanbaar.

Vuurland

Een in alle opzichten geslaagde uitgave. Het vierkante formaat, het prachtig gezeefdrukte omslag en het geraffineerde gebruik van het transparante Reprobank 60 grams vormen samen een spannend geheel. Het transparante binnenwerk geeft het boekje extra dimensie, waardoor tekst en illustraties elkaar als het ware inhalen en passeren. Jammer is alleen dat de kop- en tussenregels in een te donkere kleur paars zijn gedrukt, waardoor de tekst niet overal leesbaar is.
De uitgave is prachtig in offset gedrukt. De bijbehorende envelop, waarvan de kleur op het omslag terugkomt, is het ‘puntje op de i’ van deze uitgave.