Wijckt ontrouw

De titel ‘Wijckt ontrouw’ komt uit de archieven en vormde de lijfspreuk van de in 1615 opgerichte Rederijkerskamer De Dubbelt Geele Hoffbloem van Bleiswijk. Het gelijknamige boekje behandelt de dorpshistorie van de voormalige Zuid-Hollandse gemeente Bleiswijk op een onconventionele manier. Een talige appetizer. Zoals de subtitel aangeeft, het is Bleiswijk voor beginners. Marc Vleugels heeft als recent nieuwe inwoner van Bleiswijk en als vormgever het project zelf geïnitieerd. Via ondermeer posters werden inwoners opgeroepen om mee te werken en teksten, illustraties en foto’s in te sturen. De herinneringen, karakteriseringen, culturele uitingen en kleurrijke gebeurtenissen worden zonder onderscheid in gewicht of belang als een stroom van woorden weergegeven. Het dorpslied, de tijgermug en het Katholieke Vrouwengilde passeren de revue. Kernwoorden zijn in de tekst geaccentueerd, alinea’s worden uitsluitend met alinea-tekens weergegeven en regels zijn door middel van een stippellijn gescheiden. Soms staat er een foto of illustratie op een linkerpagina. Het is tekst die het beeld bepaalt, de nieuwsgierigheid naar en het enthousiasme voor grote en kleine dingen. Het is een mooi, handzaam en liefdevol boekje geworden, genaaid gebonden in een papieren band. De mooi vormgegeven tekst is uit de Holland en Bell Gothic gezet.

Een Hollands opstel

Een eenvoudig, maar prachtig in zwart en blauw gedrukt boekje, met een opvallende letterkeuze: de Codex en de Delphin, letters die je weinig gebruikt ziet, beide van Georg Trump, en met een ietwat kalligrafisch karakter toch uitstekend leesbaar. Hoewel ze niet exact de gelijke x-hoogte hebben, stoort dat allerminst. De linoleumsnede, die twee keer gebruikt is – eenmaal in donkerblauw en zwart gedrukt, eenmaal met de hand ingekleurd, is door Bekker gesneden naar een portret dat George Wilson in 1765 van Boswell maakte. Alleen: als je een titel uit kapitalen zet, moet je verschrikkelijk goed naar de spatiëring kijken. Niet alleen van de letters onderling, maar ook naar de woordtussenruimte. Het is maar een kleinigheidje. Een oplage van tien exemplaren? Jammer. Even doordrukken en je hebt er twintig; het met de hand inkleuren hoeft niet in één avond klaar te zijn.

Aap Noot Dood

Een onontkoombaar ernstig boek over de dood, gevat tussen twee populieren platten. Populier is een houtsoort die doorgaans wordt toegepast bij kortstondig gebruik, bijvoorbeeld als emballagemateriaal. Dat het hout snel verkleurt, lijkt hier een bewuste keuze te zijn. Op het voorplat van het boek is de titel Aap Noot Dood met loden letters in het hout geperst. Vince Trommel heeft voor deze uitgave 26 woorden gekozen van A t/m Z die refereren aan de dood, bijvoorbeeld Etna, Herodus, Levithan, Malaria en Uranium. Deze woorden worden uit Garamont halfvet op de rechterpagina’s gezet. Telkens wordt de betreffende letter in een pagina vullende houtsnede op de linkerpagina verlucht met scènes die verwijzen naar het woord. De ernst die in deze reeks te zwaar kan worden, is treffend gepareerd door Trommels sobere stijl in de houtsneden en door de kleur te beperken tot een mooie vale kleur rood. Het boek is in een uitgave van 25 exemplaren verschenen.

Expandable Memories

Expandable Memories is de tiende uitgave van Antalis in de reeks bijzondere notitieboekjes. Wat direct opvalt en vrolijk stemt is de harmonica-achtige structuur die ontstaat door de bijzondere bindwijze. Lijm noch garen is er aan te pas gekomen. Onverwacht extra rugruimte gaat verscholen in dit kleine boekje. Tussen opeenvolgende pagina’s is er veel plek om eigen memorabilia toe te voegen. In een toelichting schrijft Dorothee Pape: ‘Wanneer ik in een notitieboekje schrijf of teken, plak ik er vaak wat bij. Ik scheur iets uit een blad, draai iets uit van internet of vind een mooi toegangskaartje. In een traditioneel gebonden boekje past dat niet, waardoor het open gaat staan. Dit boekje biedt ruimte om ook fysieke gedachten te bewaren. Het groeit mee met de omvang van je herinneringen.’ De ingenieuze bindwijze is ontwikkeld door Dorothee Pape en uitgevoerd door Judith van Daal. Er zijn in deze uitgave 24 verschillende soorten wit papier opgenomen, variërend van 70 tot 170 grs. Enerzijds is het geheel te mooi om als notitieboekje en archief in gebruik te nemen, anderzijds zijn al die variaties wit papier uitnodigend. Het herinnert aan het boek dat beeldend kunstenaar Herman de Vries in 1960 publiceerde: Wit is overdaad. De titel plaatste hij op een wikkel. Het boek zelf bevatte uitsluitend witte pagina’s. Wit staat in zijn visie voor ontvankelijkheid en openheid voor een ongelimiteerd aantal betekenissen. De kracht van het wit in Expandable Memories is de fysieke aanwezigheid van witte pagina’s in de vorm van een met aandacht gemaakt boek.

Zeiltocht

Het begint al bij het omslag. De grafische compositie laat u niet in het ongewisse over titel en inhoud. Met elementaire elementen wordt jouw zeiltocht alvast gesuggereerd. Het wordt een fijne tocht. Mooie gedichten binden zich met de beelden. Op een subliem ivoorkleurig papier worden flinterdunnere illustraties minutieus opgeplakt. Je merkt het niet eens dat ze opgeplakt zijn, zo vereenzelvigen ze zich met de pagina. Abstract figuratieve tekeningen en grafische elementen – alhoewel totaal verschillend stijl en vorm – worden samen gebruikt, maar sluiten in de geest perfect bij elkaar aan. Een leuke afwerking vervolledigt dit mooie werkje, gezet uit de Garamont cursief – misschien niet de mooiste versie van dit lettertype, zeker niet in kapitalen – maar bijzonder genietbaar.

Een jaar aan de grens

Een jaar aan de grens is de eerste bibliofiele uitgave van de dichteres Ester Naomi Perquin, en tevens de eerste uitgave onder de vlag van Uitgeverij Tungsten. ‘Less is more’ lijkt bij deze uitgave het adagium, maar niets is minder waar. Naam en titel zijn op het omslag en op de titelpagina in vijf kleuren gedrukt en bij twaalf exemplaren is gekozen voor het organische Zerkall, te herkennen aan de niet afgesneden scheprand van het losse stofomslag. De uitgever maakt ons nog attent op de stand van de typografie op de titelpagina: 24 graden, de stand van onze aardas. Iets van de inhoud zal daarin worden geduid en dat is mooi bedacht. Jammer wel dat de typografie hier weliswaar aansluit bij het omslag, maar zo weinig te maken heeft met de typografie van het binnenwerk. Mooier zou zijn geweest als ook hier de DTL Haarlemmer was doorgezet.

Moerbeivlekken

Volgens het inzendformulier uitgevoerd in piëzoprint, een vorm van inkjet printing. Dat daarmee prachtige resultaten bereikt kunnen worden, blijkt wel uit deze strak vormgegeven uitgave.
De titel, ‘Moerbeivlekken – een pover lied’, is een understatement: het is zeker géén pover lied, maar een meeslepend gedicht van de classicus, poëziecriticus en dichter Piet Gerbrandy. Een feest om te lezen, een feest om naar te kijken. Wel zorgen voor schone handen! Het gebruikte omslagkarton is buitengewoon besmettelijk, en het geringste vlekje zou afbreuk doen aan het geheel. Dat moerbeivlekken erom bekend staan dat ze nauwelijks te verwijderen zijn, moge een extra waarschuwing zijn. Het papier van het binnenwerk, ‘Curious particles’, is prachtig en vormt één geheel met de kleur van het omslagkarton en de eenvoudige decoratie.
De wijze opmerkingen, op elke pagina als onderste regel in bruin geprint, lijken op het eerste gezicht wat overbodig, maar zijn in feite de cliché’s en dooddoeners waaromheen Gerbrandy zijn fantastische lied bouwt.

POOD 26

Een mooi boekje dat opgeborgen zit in een effen grijsblauw omslag. Een rood leeslint steekt eruit. Binnenin het boekje met grote houten letters POOD 26. Het is een verzameling teksten op verschillende manieren gezet, gedrukt in zwart en hier en daar in blauw en/of rood. Tevens bevat het enkele verrassende linosneden van portretten in zwart, die op de achterkant van de bladzijde doorschemeren – in spiegelbeeld.
Fantasieteksten, overgenomen teksten van auteurs – onder wie Tacitus en Presser. De sfeer van sommige pagina’s herinnert aan het functionele constructivisme en Dadaïsme uit de jaren twintig. Een sympathiek boekje, dat in de inhoudelijke samenhang een beetje rammelt.

Moeders en cowboys

Ook deze uitgave van uitgeverij Tungsten vond de jury een nominatie waard. De prikkelende titel droeg aan deze unanieme waardering zeker bij, maar vorm kan nu eenmaal niet zonder vent. Dat mag ook blijken uit de keuze voor de letter van het omslag: de Lonestar Western, waarmee de titels van het zestal gedichten in een langgerekte regel over omslag en flappen zijn getypografeerd. De kleuren van de omslagbelettering komen terug in de titels van het binnenwerk. Sfeerversterkend werken tevens de niet afgesneden schepranden van het Zerkall Bütten die in dit geval perfect aansluiten bij de ruwe vezel van het prairiegele omslagpapier. Met ongetwijfeld een klein budget zijn hier mooie, elkaar versterkende beslissingen genomen. Iets waaraan de reguliere uitgeverijen waar het dichtbundels betreft misschien wel een voorbeeld zouden kunnen nemen.

Zwart is een kleur

Een bijzondere cassette van roestvrij staal (29,6 cm hoog en 23,3 cm breed) waarin spiegelbeeldig de letters KO zijn uitgestanst: Ko Oosterkerk. Tekst en afbeeldingen in één map. Een tweede map voor twee etsen van Oosterkerk (in dit ingezonden exemplaar wit gelaten). De mappen werden gebonden door Tineke Bakker-Overeem. Zwaar in alle opzichten, maar eerlijk in illustraties en tekst. Ze horen bij elkaar in vormgeving. Het werk van Ko Oosterkerk ligt er duidelijk aan ten grondslag. Helaas waren zijn etsen niet aanwezig, die eventueel nog meer kracht aan het geheel zouden hebben verleend.